Iedere week schrijf ik een persoonlijke column over waar jij en ik zoal tegenaan lopen — eerlijk, met een filosofisch randje en af en toe een glimlach. Benieuwd? Laat je emailadres achter, dan ontvang je wekelijks van mij een reflectie.
Zoethoudertje
Het woord werd rond 1800 voor het eerst gebruikt, als men de geschiedenisboeken mag geloven. Baby's die in die tijd maar bleven huilen, kregen een speen ingesmeerd met suiker of een suikerzakje om aan te sabbelen, en werden daar rustig van. Nu snap je de uitdrukking 'wat een zoet kind' misschien ook beter. Wat mij betreft wordt in dit hele kleine stukje geschiedenis al duidelijk hoezeer het gewenst was, toen al, om de mens (de hele kleine mens zelfs) — tijdelijk — zijn mond te snoeren. En suiker was daarvoor een probaat middel.
Waarom is suiker zo verleidelijk? De behoefte eraan is van existentiële aard en onze hersenen zijn erop geprogrammeerd. Lang geleden was iets zoets vinden, in de vorm van fruit, zeldzaam, en het betekende twee dingen: snelle energie en veiligheid (tijdelijke opheffing van honger). En ook hier komt het woord dopamine weer om de hoek kijken, want dat is het 'willen'-stofje (ze noemen het ook wel het geluksstofje, maar nuance is hier belangrijk) dat wordt aangemaakt zodra er suiker het menselijke systeem binnenkomt. Het drijft je naar de beloning toe en het wekt je verlangen op, verlangen naar meer. De grap is dus dat we biologisch worden zoetgehouden (je wordt niet gestild maar aan de praat gehouden) door Moeder Natuur. Voor overleving is het namelijk belangrijk ernaar op zoek te blijven gaan. (Bittere planten daarentegen waren vaak giftig — geen neurologische beloning.) Een 'feilloos' systeem dat goed werkte toen we onze voeding nog uit de natuur haalden en de signalen van ons lichaam beter begrepen.
'Beautiful Jungle' — digital art collage from the You + Me series | 90 × 90 cm | 2016
Cyclisch leven
Waarom is de ene week de andere niet, zoals we zo mooi zeggen? Ik weet niet hoe het jullie vergaat en ik hoop niet dat de mannen onder ons nu direct wat anders te doen hebben, omdat de cyclus hun toch niet aangaat, maar niets is minder waar, mannen. Alleen al het feit dat je met regelmaat te maken hebt met cyclische wezens (vrouwen), zou genoeg reden moeten zijn om nu op het puntje van je stoel te gaan zitten. Ik durf daarbovenop ook te beweren dat het jullie zelf in wezen net zo aangaat, zij het wat minder opvallend.
Ooit, honderden jaren geleden (het jaar 1582 om precies te zijn), besloot Paus Gregorius XIII dat we de dagen, weken en maanden inzichtelijk moesten zien te krijgen en er werd een kalenderjaar gecreëerd. Gek genoeg is daarbij niet gekeken naar de meest voor de hand liggende factor bij de telling: het wanneer van het opkomen en ondergaan van de zon, plus de fasen van de maan. Deze twee impactvolle hemellichamen werden deels terzijde geschoven en de telling werd in hun ogen 'logisch' tot stand gebracht, namelijk gericht op het agrarische jaar en later op de kerkelijke feestdagen. Pasen moest natuurlijk wel op de juiste dag vallen. (…)
‘Breathe’ - drawing - 27 x 21 cm | 2022