Zoethoudertje

Het woord werd rond 1800 voor het eerst gebruikt, als men de geschiedenisboeken mag geloven. Baby's die in die tijd maar bleven huilen, kregen een speen ingesmeerd met suiker of een suikerzakje om aan te sabbelen, en werden daar rustig van. Nu snap je de uitdrukking 'wat een zoet kind' misschien ook beter. Wat mij betreft wordt in dit hele kleine stukje geschiedenis al duidelijk hoezeer het gewenst was, toen al, om de mens (de hele kleine mens zelfs) — tijdelijk — zijn mond te snoeren. En suiker was daarvoor een probaat middel.

Waarom is suiker zo verleidelijk? De behoefte eraan is van existentiële aard en onze hersenen zijn erop geprogrammeerd. Lang geleden was iets zoets vinden, in de vorm van fruit, zeldzaam, en het betekende twee dingen: snelle energie en veiligheid (tijdelijke opheffing van honger). En ook hier komt het woord dopamine weer om de hoek kijken, want dat is het 'willen'-stofje (ze noemen het ook wel het geluksstofje, maar nuance is hier belangrijk) dat wordt aangemaakt zodra er suiker het menselijke systeem binnenkomt. Het drijft je naar de beloning toe en het wekt je verlangen op, verlangen naar meer. De grap is dus dat we biologisch worden zoetgehouden (je wordt niet gestild maar aan de praat gehouden) door Moeder Natuur. Voor overleving is het namelijk belangrijk ernaar op zoek te blijven gaan. (Bittere planten daarentegen waren vaak giftig — geen neurologische beloning.) Een 'feilloos' systeem dat goed werkte toen we onze voeding nog uit de natuur haalden en de signalen van ons lichaam beter begrepen.

'Beautiful Jungle' — digital art collage from the You + Me series | 90 × 90 cm | 2016 - Xandra Dupper

'Beautiful Jungle' — digital art collage from the You + Me series | 90 × 90 cm | 2016

(…) Ik heb, redelijk lang geleden inmiddels, een documentaire gezien: 'That Sugar Film'. Daarin ging Damon Gameau, een Australiër die zelf geen geraffineerde suiker at, zestig dagen lang veertig theelepels suiker per dag eten — precies het gemiddelde van wat zijn landgenoten dagelijks binnenkregen. Maar dan uitsluitend uit producten die als gezond te boek staan: magere yoghurt, ontbijtgranen, mueslirepen, vruchtensappen. Geen snoep, geen frisdrank, geen ijs. Ondertussen ging hij op onderzoek uit en liet hij zich regelmatig testen om te zien hoe zijn gezondheid ervoor stond. Waarom op zo'n ingewikkelde manier suiker tot je nemen? Je kunt toch gewoon een reep chocolade kopen, en dan ben je er ook. Maar precies dát was zijn punt: hoeveel suiker er verwerkt zit in geproduceerd voedsel — en om wat voor redenen. In tachtig procent van het voedsel uit de supermarkt zit suiker, meestal totaal onnodig. In een heleboel producten heeft dat zoet niet eens een functie, behalve, let op, dat het aanzet tot het kopen van meer van dat product. Vooral als ze het 'bliss point' hebben weten te bereiken, waar mensen volledige studies van maken, om ervoor te zorgen dat jij, als consument, er niet genoeg van kunt krijgen. Letterlijk en figuurlijk, maar toch vooral figuurlijk.

Fructose is het spul waar ons lichaam de meeste moeite mee heeft. Want wat gebeurt er op het moment dat jouw insuline stijgt, het gevecht met de suiker volop aan de gang is en je lever het amper aankan? Het wordt omgezet in vet, dat vervolgens wordt opgeslagen, vooral rondom de buik. Visceraal vet noemen ze dat: niet het vet dat zich onder je vel ophoopt, maar het vet dat je organen omsluit. De niet zo goede variant, die daadwerkelijk problemen kan opleveren. Wat er met Damon gebeurde, het proefkonijn, was zelfs iets wat zijn behandelend arts niet had kunnen voorspellen: binnen achttien dagen had hij een vervette lever opgelopen, wat zoveel inhoudt dat er vet wordt opgeslagen in de levercellen zelf. Dit orgaan, dat ervoor zorgt dat alles naar de juiste plek wordt getransporteerd en afvalstoffen worden afgevoerd, heeft al zijn cellen hard nodig, vooral gezien onze levensstijl tegenwoordig. Waar mensen vroeger gemiddeld een paar gram suiker per dag binnenkregen, is dat voor een gemiddelde westerling nu vele malen meer — en dan voornamelijk via producten die worden aangeprezen als gezond. Daar begint dan toch echt de kunde van het leren lezen van de kleine lettertjes. Mijn kind begint er al goed in te worden, want als ik zeg kleine lettertjes, dan bedoel ik ook kleine lettertjes. Voor mij zonder bril en goed licht volledig onleesbaar.

Weet je hoeveel woorden ze hebben gevonden voor suiker, zodat jij niet in de gaten hebt dát het erin zit, of hoevéél? Komt-ie: meer dan zestig. En weet je waarom? Toen mensen ontdekten dat er zoveel suiker in geproduceerd voedsel terechtkwam en ze de ingrediëntenetiketten gingen bestuderen, zijn de 'bedriegers' (ik kan het toch echt niet anders zien) suiker gaan opsplitsen in diverse suikers. Het ingrediënt met het hoogste gewicht moet namelijk vooraan staan — maar als je het opdeelt in suiker, glucose, fructose, maltose, sucrose, diverse stropen en ga zo maar door, dan zakt het vanzelf naar beneden. Eindigt het op -ose, dan mag er een lampje gaan branden. Tel je meerdere -oses, dan mag je die dus gerust bij elkaar optellen, en kun je er gevoeglijk van uitgaan dat suiker eigenlijk vooraan, of in ieder geval als een van de eerste, op het etiket had moeten verschijnen. Zucht. Je moet er al bijna voor gestudeerd hebben. En dan hebben we het enkel en alleen nog maar over suikers; de rest bespaar ik je voor nu.

Goed, even terug naar onze beste vader, die voor zijn kinderen dit riskante experiment wilde uitvoeren, zodat zij geïnformeerd zouden opgroeien. (De film is daarom ook echt semi-leuk om met je negenjarige te bekijken, omdat hij er animaties en grappige personages aan toegevoegd heeft.) Hij kwam binnen twaalf dagen ruim drie kilo aan en had nog geen frisdrank of chocolade gegeten, en aan het eind was hij er echt slecht aan toe: een vervette lever, in totaal achtenhalve kilo zwaarder, zeven procent meer lichaamsvet, vroege tekenen van diabetes type 2 en een verhoogd risico op hart- en vaatziekten. Maar wat ook opmerkelijk is, is dat zijn vrouw merkte dat zijn karakter veranderde. Dat hij wispelturiger werd, melancholischer, minder steady en in balans. Hijzelf merkte op dat hij suiker nodig begon te hebben als pick-me-up, zoals anderen niks uit hun handen lijken te krijgen zonder koffie. En hij werd chagrijnig als hij zijn suikerinname niet tijdig tot zich kon nemen. Hij voelde zich lethargisch, over het algemeen depressiever, meer gestrest, minder sociaal — en hij verloor zijn smaak. Het heeft daarna een volle acht dagen geduurd voordat hij de nuances van echt voedsel weer gewaar kon worden.

Zo word je wel lekker zoetgehouden, door zowel de industrie als door de suiker zelf. Het gijzelt je als het ware, en sommige onderzoekers vergelijken de werking ervan op het beloningssysteem met die van cocaïne, alcohol en roken. Ik ben een sucker voor chocolade, en als ik niet oppas kan ik niet ophouden. Dan moet ik mezelf echt terugfluiten zodat het niet escaleert. Ik stond in de supermarkt bij de kassa, en daar stond een knul van nog geen tien jaar drie zakken lekkers af te rekenen, plus frisdrank (vloeibaar gif, daar kan ik zo nog een hoofdstuk aan wijden — dit gaat gewoon linea recta je bloedbaan in, en oh man, wat een high kun je daarvan krijgen). Ik kon ter plekke wel in tranen uitbarsten, want kinderen mogen dus, met de winst van alle ingeleverde flesjes en blikjes, gewoon kopen waar ze zin in hebben, zonder dat ouders daar ook maar iets van hoeven te weten. En hooked zijn ze, op zeer jonge leeftijd. Ik wil dan als moeder het ventje het liefst aanspreken, maar laten we eerlijk zijn: ik kan niet op tegen de kleurtjes en de belofte van de korte kicks die ze gaan krijgen, met al mijn goede bedoelingen. Bovendien kan ik zelf de verleiding amper weerstaan. Het is een serieuze zaak, die suiker, en het zou mooi zijn als we het met zijn allen wat serieuzer zouden nemen, vooral voor onze kinderen.

Volgende
Volgende

't POTJE en 't DEKSELTJE